We gaan een ger bouwen!

_DSC0182

Bijzondere leraren in Mongolië, zowel in als buiten het klaslokaal.

Tekst en foto’s: Jack Brockley

Op een gewone dag kun je de leerlingen en leraren van School 55 soms horen brullen, grommen en miauwen. Of ze kneden brooddeeg of verzorgen de kruiden en hosta’s. Het hoofd van de grootste school voor kinderen met een verstandelijke beperking in Mongolië, Ganbileg Chuluunbaatar, stimuleert de leraren om hun leerlingen op een creatieve manier les te geven. Dus oefenen ze dierengeluiden als onderdeel van spraaktherapie en leren ze vaardigheden die ze nodig hebben voor werk en het dagelijks leven door brood te bakken en te tuinieren.

Op een gewone dag doen de leraren van School 55 bijzondere dingen, net als de meeste gewone leraren.Verschillende leraren zijn buiten het klaslokaal ook nog lid van de Kiwanis-club van Ulaanbaatar, waar ze creatieve manieren proberen te vinden om iets voor de gemeenschap te doen. Met geld dat ze hadden ingezameld door bijvoorbeeld theaterkaartjes te verkopen, kochten ze kleding, speelgoed, voedsel en persoonlijke verzorgingsproducten voor arme gezinnen.

_DSC0204

En ze bouwden een ger.

De ger is een voorloper van de yurt, een tent die gemaakt wordt door en bedoeld is voor nomaden. Het opvallendste verschil tussen een ger en een yurt is dat de eerste een enigszins schuin aflopend dak heeft met rechte palen die de kroon verbinden met een muur van latwerk. In yurts wordt gebruikgemaakt van stoomgebogen palen, die dienen als structuur voor zowel het dak als de muur.

“De grootvader is 69 en woont samen met zijn 13-jarige kleinzoon Tugsmandakh, die spastische verlamming heeft,” vertelt Ochisuren Batmandakh. “Ze wonen in een ger die lekt wanneer het regent. Hij moet afgebroken, schoongemaakt en herbouwd worden.”

_DSC0185

De ger staat in het 14e Microdistrict, een nederzetting in het district Bayanzürkh in de hoofdstad van het land, waar kolenkachels in de winter bijdragen aan de zware luchtvervuiling in het dichtbevolkte gebied. Volgens de schatting van de grootvader was de ger zes jaar geleden opgebouwd.

Op een hete, droge, zonnige dag rijdt er een stoet van voertuigen door de nederzetting, een spoor van opwaaiend stof achter zich latend. Ze slaan af bij een hut gemaakt van schroot en maken een scherpe bocht bij een huis van lavasteen met glazen ruiten en twee verdiepingen. Of ze nu rechts afslaan of links, overal waar ze rijden laten ze een spoor van stofwolken achter.

De Kiwanis-leden stoppen bij een omheinde groep gebouwen, laden spullen in – schoonmaakdoeken, reinigingsmiddel, schoonmaakbenodigdheden, emmers, teilen – en rijden achter elkaar door een poort. Daar is Tugsmandakh, in een geïmproviseerde rolstoel. Hij begroet hen met een brede glimlach. Zijn kleine zusje staart de vreemdelingen aan met gefronste wenkbrauwen en fietst dan als een razende op haar driewieler naar haar huis, vlakbij. Ze komt terug met nog een ander broertje om de Kiwanis-leden aan het werk te zien.

_DSC0322

Eén team maakt de banden los waarmee het bouwwerk is vastgezet. Andere Kiwanis-leden lopen door de lage ingang naar binnen, om bedjes, een koelkast, vloerkleden – bijna alles – naar buiten te brengen om te worden schoongemaakt. Omdat er geen stromend water in de buurt is, vullen ze hun teiltjes, die steeds viezer worden, buiten de nederzetting telkens met schoon water.

Binnen een kwartier zijn de drie deklagen van de ger van het geraamte af gehaald. Het buitenste, lekkende zeil en de binnenste wand van katoen worden weggegooid. De middelste, isolerende wollen laag wordt aan de kant gezet; die kan opnieuw worden gebruikt. Het geraamte van de ger is nu zichtbaar:

  • De khana: de ronde wand van latwerk, die kan worden ingeklapt voor transport.
  • De uni: palen die dienen als spanten en die de kroon met de wand verbinden.
  • De toono: de kroon, een ronde, open houten ring die dient voor ventilatie.
  • De bagana: twee steunpilaren voor de kroon.
  • De haalga: een lage houten deur op het zuiden.

Het werk gaat door. De uni worden uit de inkepingen in de toono getrokken en losgemaakt van de khana. Een schoonmaakploeg boent de uni, de toono en de bagana schoon, waardoor blauwe, oranje, witte en rode wervelende patronen zichtbaar worden. Ze roepen de anderen erbij om de verborgen kunst te komen bekijken.

“Prachtig,” zegt een van hen.

Een uur later wordt het werk in omgekeerde volgorde uitgevoerd: de dakpilaren worden vastgemaakt aan de kroon, er wordt een nieuwe stoffen binnenwand geplaatst, die wordt bedekt met de isolerende wollen laag en een nieuwe stoffen buitenlaag en daarna stevig vastgesjord met banden. De Kiwanis-leden dragen een schoon interieur naar binnen, evenals een nieuwe rolstoel, zonnebril, kleding en andere artikelen voor de kleinzoon, de grootvader en hun familie die in de buurt woont.

Na een dag van hard werken aan de ger hebben de Kiwanis-leden nog één ding te doen (rechts). Een van de leraren van School 55 had gemerkt dat een leerling vaak absent was. Hij had gehoord dat diens grootmoeder geen geld had voor medicijnen tegen flauwvallen. Ze moest kiezen tussen dat medicijn en uitgaven voor de zorg voor de jongen en twee andere kleinkinderen. De Kiwanis-leden gingen bij haar op bezoek en brachten kleding, voedsel, speelgoed en medicijnen mee. Toen de vrijwilligers weer naar hun auto liepen, riep het hoofd van de school hen terug. Ze gingen in een grote kring staan. Terwijl ze hen een voor een aankeek, prees Chuluunbaatar hun werk.

“Jullie hebben belangrijk werk verricht,” zei ze. “Kiwanis is er om kinderen te helpen, en dat hebben we vandaag gedaan. En we gaan ermee door, overal waar het nodig is.”

_DSC0473


 

One comment

Submit a comment

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s